Laatst bijgewerkt: 19 september 2014
H afk. huwelijksregister
H. afk. heiraten, huwelijken
h. afk. hora, uur
h.a. afk. hoc anno, in het huidige jaar
haaien heien
haaier ontvanger der belastingen
haal ketelhaak
haatooft vrucht van de haat
habeat dat zij hebben
habemus wij hebben
habent zij hebben
habita dispensatione na verkregen dispensatie
habita dispensatione matrimonium contra hendi in tempora clauso na dispensatie verkregen te hebben, in de gesloten tijd gehuwd. (bv vastentijd)
habita dispensatione  matrimonium gehuwd na dispensatie verkregen te hebben
habitans inwoner
habitans in dicto pago inwoner van gezegde streek
habitatie, habitakele woonplaats
habitis dimissorialibus met verkregen verlofbrieven
hac parochie onze parochie
häcker landarbeider
hactenus tot nu toe, tot heden
hadder twist
haechten gevangen nemen
haecken en ogen haken en ogen, sluiting van dun ijzerdraad
haemekerknecht knecht van een paardenhalsjukken maker
haemmaeker gareel -tuigmaker, paardenhalsjukken maker
haemorragia door een bloeding
haemorragia bloeding
haeretica ketterin
haeretitus ketter
haerides ejus fundaverunt anniversarium zijn erfgenamen hebben een jaargetijde gesticht
haermaker haarwerker
haerspinster wolspinster
haerwever maker van harenkleden
haessen broek
haesticheit, -ede pest
haestige siechte pest
haeymans(land) weiland ingesloten door duinen, meestal vrij onvruchtbaar gebied
hafenreffer aardenpotten handelaar
haftenis hechtenis
Haga comitis, 's Hage Den Haag, 's Gravenhagen
hagedoc, hagedocht gewelf
hagel onweer
hagelschut gepeupel
hagetronc onecht kind
hagheghedinghe kleingeding, mindere rechtspraak
haid, haed oppervlaktemaat, 1 haid = 0,18 ha
hakblok heraldiekteken, slagershakblok
hakesnider edelsmid
halbfasten 3e zondag voor Pasen
halfboenre oppervlaktemaat, halve bunder
halfdachwant zoveel als men in een dag kan ploegen
halff soe voelle half zo veel, voor de helft
halfftepper bierverkoper die alleen per haalkan mag verkopen
halfje inhoudsmaat, zeer verschillend in afmeting
halfkopmaat graanmaat, 1 halfkopmaat = 1/256 lopen
halfmaat graanmaat, 1 halfmaat = halfscheidhelft, half 1/64 lopen (Leeuwarder stedemaat)
halfscheid helft, half
halfstedemaat graanmaat, 1 halfstedemaat = 1/128 lopen (Leeuwarder stedemaat)
halfvandel, halfvierendeel graanmaat, 1 halfvandel = 1/8 lopen
halfwinningen de halfwinning was het recht te profiteren van de helft der vruchten van de gewassen op zekere gronden. De zettingen daarvan waren door eigenaar en de pachter bij helft te dragen
hallore zoutzieder
halme (ende gifte) geven, het eigendom van land overdragen, afstand van te doen
halmer grenssloot, tussen tweelanden
halsberger harnasmaker
halsberghe, halsberghoele pantserhemd of maliënkolder
halseigen over wiens leven een ander naar willekeur beschikken kan
halsen, helsen onthalzen, onthoofden, ook in de betekenis van omhelzen
halsgerechte halsgerecht, het hoge gerecht, de bevoegdheid om het doodvonnis uit te spreken, criminele rechtbank
halsgeweer, halsgheweir vuurroer, geweer
halsheerlycheit halsheerlijkheid, een heerlijkheid met laag en hoog gerecht d.i. halsrecht
halshere halsheer, hij die over iemands leven en dood beschikken kan, heer van een heerlijkheid met halsrecht
halshouwer, halshuggen beul
halsiser halsijzer, halsboei, halsbeugel, ijzeren band om de hals waarmede een misdadiger vastgeklonken werd
halsklieren halsdoek
halslossinge het afkopen van een rechtmatige doodstraf
halsmisdaad misdaad waarop de doodstraf staat
halsrecht voltrekking van de doodstraf
halsrechter rechter die een doodvonnis kan uitspreken
halsstraf doodstraf
halster schepel
halster, halstarium graanmaat, 1 halster = 2 semester, 2 viertel
hameau gehucht, buurtschap
hamel schaap
hamelvlees schapenvlees
hancijser haal , ketting met haak boven vuur, voor het ophangen van pan boven het open vuur
handaexe handbijl
handarts chirurg
handdwale, handdwael handdoek, tafeldoek
handemercken analfabetentekens, meestal kruisje van iemand die niet kan schrijven
handen (in) in eigen gebruik
handscoemaecker handschoenmaker
handstreich verloving
handwercman arbeider, handwerkman
haneveer heraldiekteken, lange smalle veer
hangar loods, schuur, bergplaats
hangebast galgenstrop
hannekemaaiers grasmaaiers afkomstig uit Duitsland
hans afk. habitans, inwoner, inwoonster, bewoner, bewoonster
hantastinge handslag, teken van trouw
hantdreyen aanleggen
hanteringe omgang, vandaar
hantneminge, handtneminghe beslaglegging
hantscoewerkere handschoenmaker
hantslaen beslag leggen op
happenmacher zeisenmaker
haragerius waarzegger, tovenaar
harckier uitbouw aan vestingmuur, wachttorentje
Harderovicum Harderwijk
harebringhen rechten waarop van oudsher aanspraak is
harenberste voetboog
hari afk. haricotier, bonen handelaar
harpator, harpenare,  harpere harpspeler
harrepenninck huurpenning
hartmonat meestal januari
hartvank dodelijke flauwte
harvard a. harward krijgstocht ook de bijdrage in geld of natura om de kosten van een krijgstocht te dekken
Hasbania Haspengouw
haseleren het hazenpad kiezen, de aftocht blazen
hauderer huurkoetsier
hauwer mijnwerker
haven have, roerend goed
havenen verzorgen van al wat nodig is
havezate ridderhofstede o.a in Drente en Overijssel
hebdomada alba de witte week voor Pasen
hebdomadarum weken
hebdomadicus, hebdomalis een week oud
hedent heden
heeckel vlaskam
heelkonst geneeskunde
heemraden vertrouwensmannen binnen een dorp, zij zorgden voor de wegen ,sloten en dijken
heerd oude naam voor boerderij in Groningen
heerdij heerlijkheid
heeremaand termijn van 42 dagen, voor de uitbetaling van het krijgsvolk
heergeweide een betaling voor het verkregen leen, oorspronkelijk een persoonlijk eigendom, bv een bijzonder paard, later een geld bedrag
heerlijkheid als een leenman zelf leenheer werd dan noemde hij zijn bezit een (heerlijkheid(. letterlijk gebied van een heer
heeroyk deftig
heete sieckte de pest, ook voor tyfus
hef zuurdeeg, maar ook drab, droesem
HEGM afk. Hare (hunne) Edele Groot mogend-heden
hegmunt valse munt
hegt schede van een mes
heiden(s) zigeuner (s), zwerver (s)
heidenwerker tapijtwever
heidin, heiden bewoner van de heide
heievel heiden
heijdt-keur tijdstip waarop het heidekruid gemaaid mocht worden
heiler chirurgijn ter velde
heiliger abend avond voor Kerstmis
heimsuchung mariä Maria's bezoeking, 2 juli
heintepik duivel
heinzler voerman
heir leger, bende
heiraten huwelijken
heiratsbrief verklaring van geen huwelijksbeletsels, voor een in het buitenland of in een andere parochie in het huwelijk tredende persoon
heirbaan weg in gebruik door het leger
heirt haard
heirtocht oorlog, veldtocht
heisch eis, vordering
HEL afk. Hersteld Evangelisch Luthers
Helium (Den ) Brielle
hellebaard heraldiekteken, lans met twee bijlen
hellemet helm
hellicht opbrengst van de jaarlijkse pacht
Helvetische Bekentenis hervormde belijdenis
hem zich
hembdtrocken kledingstuk dat tussen hemd en bovenkleding gedragen werd
henker beul, scherprechter
hennedrek kippenmest
hennehok kippenhok
henneman kippenboer
hennematskoetje heel kleine koe, kon bij wijze van spreken in het kippenhok staan
hennemelker kippenboer
henneschot dwars scheepsboord, vooruit onder den bak, met poorten waarin geschut werd geplaatst om recht vooruit te kunnen schieten
hennetaster wellusteling
henneteenen gekruiste en geknobbelde fruittakken van oude fruitbomen
hennevleesch kippenvel, huiveren
herbarius groenteman, oude vrijgezel
herburzen terug ontvangen
herdaechsel nieuwe dagvaardiging (om te verschijnen)
herdagen opnieuw oproepen
here, her gisteren
heredes erven
heredis van de erfgenamen
hereditario iure met erfelijk recht
hereditas iacens na niet aanvaarde nalatenschap/ erfenis
hereditas petitio opvordering der nalatenschap/ erfenis
hereditas erfenis, nalatenschap
herenbroot zeer fijn wit brood, de beste kwaliteit
herendeimt oppervlaktemaat, 1 herendeimt is de oppervlakte welke men kon maaien in een dag, gevonden 0,44 ha
herenmud graanmaat, herenmud is de oppervlakte die werd gebruikt voor het opgeven van de belastbare grond, diverse oppervlakten-maten gevonden, 1 herenmud is globaal 375 vierkante rijnlandse roeden = ca 0,54 ha
heres erfgenaam
heresiache voorganger van ongelovige
heresie kwade gevoelens van de gelovige
heretijcke ongelovig
herfst maent september
herfstcot in het najaar te betalen rente of belasting
heri gisteren
herides ejus zijn erfgenamen
héritage erfenis, nalatenschap, erfgoed
herizogo hertog, in het Frankische rijk aanvoerder van de heerban (het leger van de leenmannen) in een gewest van het rijk. later ook burgerlijk bestuurder
herken luisteren
herkruist kruis heraldiekteken, kruis waarvan iedere arm weer een kruis vormt
herlangen teruggeven
herle Heerlen
herlensis van Heerlen
hermaeckt opnieuw gemaakt, hersteld
hermijt kluizenaar
Herr Gottes Tag (unseres) Sacramentsdag, 2e donderdag na Pinksteren
hersten gloeiend maken
hertganck meent, deel van de gemeente waarop het vee gemeenschappelijk weidt, ook gehucht of wijk
hertimmerde herbouwde
hertog bestuurder, door overerven van een groot deel van het land, lid van de adel van dat land. in het Frankische rijk aanvoerder van de heerban (het leger van de leenmannen) in een gewest van het rijk. In de merovische tijd en landsheerlijke periode, hoger in rangorde dan graaf, staat aan het hoofd van enkele graafschappen en het tijdelijke leger
herwaerts in afgelopen jaren, voorheen
Herzjezufest 3e vrijdag na Pinksteren
hesiteren twijfelen
heuet, heumonat juli
heukkevaken afzetster, bedriegster
à ...... heures du matin om ...... uur in de morgen
heures uur, uren
hexagram heraldiekteken, twee door elkaar gevlochten driehoeken
heydehorst zandgrond begroeid met heide, meestal hoger gelegen
H.G afk. Honorable Gens, eerbare lieden,
H.H. afk. Honorable, Homme, eerbare heer (achtens) waardig-, Heer
HHM afk. Haar hoog Mogendheid
hic hier
hic facta est hier is gedaan
hic iacet hier ligt (begraven)
hier (au) soir gister-(en)avond
hier matin gister-(en)morgen
hier gisteren
hijliken trouwen
hille heuvel, verhoging in het land, vluchtplaats
himmelfahrt Christi 2e donderdag voor Pinksteren
himmelfahrt Mariä 15 augustus
hinc inde van beide kanten
hite afk. héritage, erfenis, nalatenschap, erfgoed
h.l. afk. hoc loco, in diens plaats
h.l. afk. huius loco, in diens plaats
h.m. afk. Hoogmogende
H.N. afk. Noble Homme, edelman, edele
ho.mo hoog mogende
hoc anno in het huidige jaar
hoc statu in deze toestand
hoc tempora in deze tijd
hödel voddenraper
hodenschneider natuursteenbewerker
hodie vandaag, heden
hodie manie heden morgen
hodierno vandaag
hodiernus van deze tijd
hodler koopman
hoed inhoudsmaat voor steenkool en graan, zeer veel verschillende afmetingen gevonden o.a. zuid Holland/Zeeland
1 hoed = 1003 ltr., Zeeuws Vlaanderen 1 hoed = 200 ltr.
hoede synoniem van beckenele
hoedekine huidige, tegenwoordige
hoedemaker hoedenmaker
hoefiser hoefijzer
hoeftbeest stuk vee met hoeven
hoeftseghele belangrijkste zegel aan een gezegeld stuk
hoekensvleysch vlees van een geitenbokje
hoeredop hoerenloper
hoerende behorende
hoerenwaard bordeelhouder
hoerevoogd hoerenloper, maar ook bordeelhouder
hoerhuis bordeel, spreekkamer
hoermaent december
hoerninc onecht kind
hoerntvye hoornvee
hoert (totten haeve) behoord (tot het goed)
hoet inhoudsmaat voor graan= 172 ltr.(België)
hoetelen afdingen
hoeve oppervlaktemaat, 1 hoeve = 162 morgen = ca. 14 ha.
hoeymaete hooiland
hofcamp land bij een hof behorend
hoffmuttersmann pachter van melkvee
hofzaad zaad afkomstig uit de tuin
hoge heerlijkheid halsheerlijkheid, als de heer de hoge jurisdictie heeft, d.w.z. de rechtspraak in criminele of halszaken (mogelijke veroordeling tot de galg)
hohe mittsche woensdag na Pinksteren
hohes neujahr hoog nieuwjaar, 6 januari
hoiemaent juli
hoiluyder hun ieder, hun
hoimeent gezamenlijk hooiland
höker marskramer
holblok klomp, houten schoen
holden houden
holl afk. hollands(e)
hollandais Hollands
hollandicus Hollander, in de betekenis van iemand van boven de grote rivieren
holster knapzak
holt hout
holtzfäller houthakker
holzmenger houthandelaar
homisse hoogmis, mis met meer priesters
homme de foi gelovige
hon afk. honneste, eerlijk, rechtschapen, fatsoenlijk, netjes
hon hun
hond, hont oppervlakte maat, zeer verschillend in oppervlakte bv 1 hond = 100 vierkante roeden, ook gevonden 1/6 morgen, 1/5 morgen
hondenslager functionaris belast met honden uit de kerk te verjagen
honderd inhoudsmaat voor zout, ca. 18500-20000 ltr en vroeger voor graan, ca 13000-17000 ltr.
honderd oppervlakte maat, zeer verschillend in oppervlakte bv 1 (groot)honderd = 300 vierkante roeden = ca 0,70 ha, 1 (kleine) honderd = ca. 200-240 vierkante roeden = 0,30-0,35 ha
honderd stuksmaat, 1 (groot)honderd = 120-144 stuks, 1 (kleine) honderd = ca. 96-101 stuks
hondertechste honderdste
honeste eerbaar
honestus eerzaam
honeur, honor eer
honoris van de eer
honschot een soort wollen stof
hont oppervlaktemaat, 1 hont = ????
hoochbailliu voorname of voornaamste baljuw
hoochgemelt bovengenoemd
hoochheerlijcheit halsheerlijkheid
hoochhuus slot, kasteel, huis van de heer
hoofdelike misdaet halsmisdaad
hooftclager de oudste, wettige mannelijke nabestaande van de vermoorde
hooftpeluw, hoetpoluwe langwerpig hoofdkussen
hooftraedt vonnis van de hoofdbank
hooftrecht hoofdbank
hooftredenaere hoofdrekenmeester of ontvanger
hooftschepenen schepenen van de hoofdbank
hooftsonde zwaar misdrijf (moord)
hooftvrouw, hooftvauw hoerenwaardin, koppelaarster
hoogh nodich direct noodzakelijk
hooimaat, hooimade oppervlaktemaat, 1 hooimaat = 1/3 gemet, ook 1/9 bunder = 0,14 ha
hoop (den) bij elkaar
hoop stroomaat, 1 mande stro = 16 bundelen
10 bundelen = 1 tierlingh
1 tierlingh = 10 geluyt
100 geluyt = 10 hopen
1 hoop = 10 geluykens
hoorhuis collegezaal
hoorn bergtop
hoos kous, maar ook als broek gezien
hoosband kousenband
hoplocht hopakker, akkerland met hop
hoppel bont, gespikkeld
hoppevat drafkuip, 1 hoppevat = 232 gelten koren
hora afk.h., uur
hora matutina morgenstond
hora secunda a prado twee uur ’s middags
hora tertia matutina om drie uur in de morgen
hora vespertina avondstond, namiddaguur, avonduur
horae canonicae de kloosterachtige godsdienstoefeningen
horarum uren
horen haar, hun
hornanus van Horn
hornung februari
horologie uurwerk
horreum schuur
horreum schuur
hortulanus tuinman
hosenrat, hosenwiel rad van een watermolen
hospes gastheer, later ook herbergier of waard
hospitum gasthuis, ziekenhuis
hossen broek,
houmes snoeimes
houtbrekere timmerman, houthandelaar
houteman houthandelaar
houtwas hakhout
houwelijck huwelijk, getrouwd
houwelijken staat gehuwd, huwelijkse staat
houwer ploegmes
hoverdyenwille uit hoogmoed
hovetswere hoofdpijn
hoy droog gras
hoylant hooiland
hoymaent juli
hoymersch, hoimersch hooiland
H.P. afk. Honorable, Personne, eerbare-, personen, mensen
hrtg afk. hertog
h.t. afk. hoc tempora, in deze tijd
Ht. afk. huw. akte, handtekening
htaon afk. habitation, het (be)wonen
hübscher montag, dienstag, mitwoch maandag, dinsdag, woensdag na Pinksteren
hucker marskramer
huddevetter leerlooier
huerman huurder
huflant land bij de boerderij behorend
huiadem alhier
huicke, hoyken bovenste kleed voor man en vrouw
huijsevester kwartiermaker
huikefaken duistere zaakjes
huikevaak bedrieger, oplichter
huimorgen hedenmorgen
huinuchtent hedenmorgen
huis kasteel, slot
huisanker muuranker
huisbreker inbreker
huisleggent in de kost zijn, inwonen
huisluiden boeren
huisman boer
huisprelaten heraldiekteken, paarse hoed met 6 kwasten
huissfrouw huisvrouw
huissier deurwaarder
huisvrou vrouw, echtgenote
huiswaerder bewaarder van in beslag genomen huisraad
huisweecke door ziekte gebrekkige lieden, arme gebrekkige lieden, levend van de bedeling en bedelen
huius van deze
huius anni van dit jaar
huius communitatis scabinus schepen van deze gemeente
huius folii van dit blad
huius loci van deze plaats
huius loco in diens plaats
huius pagi van dit dorp
huius prolis van dit kind
huius van hier, van deze
hujades (mensen) van hier
hujades van hier
hujis zie huius
hujus communitatis scabinus schepenen van deze gemeente
hujus loci van deze plaats
Huleri Heerlen
humare ter aarde bestellen, begraven
humata begraven vrouw
humates, humatio begraven
humatus begraven man, begraven
humilis laag, nederig
husarus huzaar
huter hoedenmaker
huus huis
huusghenoeten de andere leenmannen van éénzelfde leenheer
huusrumynghe gedwongen ontruiming van een huis
huusweecke door ziekte gebrekkige lieden
huvetten leerlooien
huwe houweel
huwen met de linkerhand een vrouw van mindere rang huwen, aan welke niet al de rechten van een wettige vrouw gegeven worden
huyckevaester koppelaarster
huyden heden
huyfden hoofddeksel, vaak uit doeken bestaand
huysgelden belasting over de huizen omgeslagen
huyssier deurwaarder
Hw. afk. huw. akte huwelijk
hydropicus waterzuchtig
hydropisis, hydropica waterzucht
hyja wieg
hylick huwelijk, trouwen
htaon afk. habitation, het (be)wonen
hzrn afk. huzaren